
Werktijden
Werktijden en roosters beoordelen volgens wet en cao
De Arbeidstijdenwet stelt grenzen aan hoe lang en hoe vaak iemand mag werken. Hoofdregel: maximaal 12 uur per dienst en maximaal 60 uur per week.
Het wettelijk kader: harde grenzen en gemiddelden
De Arbeidstijdenwet stelt grenzen aan hoe lang en hoe vaak iemand mag werken. Hoofdregel: maximaal 12 uur per dienst en maximaal 60 uur per week. De werkweek loopt van maandag 00.00 uur tot zondag 24.00 uur.
Daarnaast gelden gemiddelden over langere periodes: over 4 weken gemiddeld 55 uur per week, over 16 weken maximaal 48 uur per week. Een cao of bedrijfsregeling mag van dat 4-wekengemiddelde afwijken, maar nooit zo dat iemand meer dan 60 uur per week werkt.
Toets daarom niet alleen de afzonderlijke dienst, maar ook de week en de langere periode. Een rooster met incidenteel hoge uren kan alsnog in strijd met de wet zijn als de gemiddelden over 4 of 16 weken niet worden gehaald.
Belangrijkste wettelijke en cao-grenzen
Rust na en tussen diensten
Na een werkdag geldt minimaal 11 aaneengesloten uren rust. Die 11 uur mag eens in de 7 dagen naar minimaal 8 uur, maar alleen als het werk dat vereist.
Voor de wekelijkse rust geldt standaard 36 aaneengesloten uren in elke periode van 7 x 24 uur. Die rust mag over 14 dagen worden verdeeld. In elke periode van 14 x 24 uur moet dan 72 uur rust zitten; die 72 uur hoeft niet aaneengesloten te zijn en mag in 2 periodes van ten minste 32 uur worden opgesplitst.
Let bij de beoordeling op de aaneengeslotenheid en op de vraag of een inkorting echt werkgerelateerd is. Noteer ook of de cyclus van 7 dagen of 14 dagen klopt.
Wat de cao aanvult of afwijkt
De wet geeft ruimte om in een cao of bedrijfsregeling afwijkende afspraken te maken. De absolute bovengrens blijft 60 uur per week. Een cao kan dus aanvullingen of afwijkingen bevatten die je naast de Arbeidstijdenwet moet leggen.
In de cao zorg en welzijn geldt voor een voltijds dienstverband een standaard arbeidsduur van gemiddeld 36 uur per week. Dat gemiddelde wordt over een referteperiode berekend, zodat de feitelijke uren per week kunnen variëren zolang het gemiddelde over de afgesproken periode op 36 uur uitkomt. Die 36 uur is een norm, geen absoluut maximum; werkgevers en werknemers kunnen in overleg afwijkende afspraken maken, bijvoorbeeld voor 32 uur of meer uren.
Voltijd is gelijk aan 36 uur per week, oftewel een deeltijdfactor van 1,0. Deeltijd bereken je door de contracturen te delen door 36. Een medewerker met 24 contracturen heeft bijvoorbeeld een deeltijdfactor van 0,67. Die factor werkt door in salaris naar rato, vakantiedagen, verlofuren en pensioenopbouw.
De cao bevat daarnaast specifieke afspraken over werktijden, rusttijden en roosterplanning. Werknemers hebben recht op minimaal 11 uur aaneengesloten rust.
Rooster tijdig vaststellen en wijzigen
Een rooster en de bijbehorende werktijden moeten tijdig bekend zijn. In de VVT-cao staat dat het rooster en de daarbij behorende werktijden ten minste 28 dagen van tevoren worden vastgesteld en aan de medewerker bekendgemaakt.
Arbeidstijden worden vastgesteld binnen wettelijke en individuele grenzen. Wijzigingen vragen overleg, waarbij de belangen van werkgever en medewerker worden afgewogen. Arbeidstijden en pauzes kunnen per afspraak flexibel zijn, zolang redelijkheid en persoonlijke omstandigheden worden gerespecteerd. Een rooster is bindend, tenzij zwaarwegende redenen anders vereisen.
Beoordeel bij een wijziging binnen de periode van 28 dagen of er overleg is geweest, of de wijziging voldoende is gemotiveerd en of de reden zwaarwegend genoeg is. Ontbreekt die onderbouwing, dan is dat een aandachtspunt bij de beoordeling van het rooster.
Individuele afspraken en gebruikelijke praktijk
Bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst is het meestal de bedoeling dat de medewerker werkt op de arbeidstijden die de werkgever vaststelt. Partijen kunnen dat uitdrukkelijk overeenkomen, maar de werkgever moet binnen de grenzen van de geldende regeling blijven. Afspraken die die grenzen overschrijden, zijn nietig.
Uitdrukkelijke individuele afspraken gaan vóór bij het vaststellen van de arbeidstijden. Denk aan ploegendienst, niet in het weekend werken vanwege zorgtaken of altijd vrijdagmiddag vrij. De werkgever is daaraan gebonden zolang de afspraken binnen de collectieve regeling blijven. Verandert de regeling, dan veranderen individuele afspraken niet automatisch mee; de medewerker behoudt bijvoorbeeld het recht om in het weekend vrij te zijn. Wordt het verschil met de regeling te groot, dan moet de werkgever de medewerker tijdig informeren en in overleg aanpassen, eventueel met een overgangsperiode.
Zonder zulke uitdrukkelijke afspraken is de gebruikelijke praktijk voor vergelijkbare medewerkers of in de bedrijfstak bepalend. Dan hoeft een medewerker in beginsel niet in ploegendienst, tenzij dat bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst gebruikelijk was in de onderneming of bedrijfstak.
Rol van de OR bij wijzigingen
Voor wijzigingen in werktijden moet de werkgever vooraf toestemming aan de OR vragen voordat die wijzigingen kunnen worden doorgevoerd.
Bij de beoordeling van een roosterwijziging hoort dus de vraag of de OR is betrokken, of instemming is gevraagd en of die instemming vóór de wijziging is gegeven.
Bijzondere groepen en afwijkende regimes
Voor jongeren tot 18 jaar en voor zwangere en pas bevallen vrouwen gelden aparte regels. De Arbeidstijdenwet kent daarvoor specifieke bepalingen, bijvoorbeeld over werken als je 13 of 14 jaar bent, werken als je 15 jaar bent, werken als je 16 of 17 jaar bent, en over werktijden en verlof voor zwangere of pas bevallen vrouwen.
Voor artsen in opleiding tot specialist die bereikbaarheidsdiensten draaien, staan afwijkende regels in het Arbeidstijdenbesluit. De Arbeidstijdenwet is dan gedeeltelijk niet van toepassing. Voor vrachtwagenchauffeurs gelden rijtijden- en rusttijdenregels om ongelukken door vermoeidheid zoveel mogelijk te voorkomen.
Check voor deze groepen dus altijd het specifieke regime voordat je een rooster alleen aan de algemene Arbeidstijdenwet toetst.
Zo beoordeel je een concreet rooster
- Blijft elke dienst binnen de grenzen? Maximaal 12 uur per dienst, maximaal 60 uur per week, en worden de gemiddelden van 55 uur over 4 weken en 48 uur over 16 weken gehaald?
- Klopt de rust? Minimaal 11 aaneengesloten uren na een werkdag; is een inkorting tot 8 uur terecht en gebeurt dit niet vaker dan eens in de 7 dagen? Is de wekelijkse rust van 36 uur gehaald, of over 14 dagen 72 uur verdeeld in 2 periodes van ten minste 32 uur?
- Is het rooster tijdig bekend? In de VVT-caoten minste 28 dagen vooraf. Zijn wijzigingen daarna in overleg gegaan en voldoende gemotiveerd? Is het rooster bindend, tenzij zwaarwegende redenen anders vereisen?
- Is de OR betrokken? Voor wijzigingen in werktijden moet de werkgever vooraf toestemming aan de OR vragen.
- Zijn individuele afspraken gerespecteerd? Denk aan ploegendienst, weekendvrij of vrijdagmiddag vrij, voor zover die binnen de collectieve regeling vallen.
- Gelden er bijzondere regels? Check jongeren tot 18 jaar, zwangere en pas bevallen vrouwen, artsen in opleiding tot specialist en vrachtwagenchauffeurs.
Leg per punt vast welke bron of afspraak is gecheckt en welke conclusie daaruit volgt.
Zo beoordeel je een concreet rooster
- Blijft elke dienst binnen de grenzen?Maximaal 12 uur per dienst, maximaal 60 uur per week; gemiddelden van 55 uur over 4 weken en 48 uur over 16 weken gehaald
- Klopt de rusttijd?Minimaal 11 aaneengesloten uren na een werkdag; inkorting tot 8 uur maximaal één keer per 7 dagen; wekelijkse rust van 36 uur of 72 uur in 14 dagen (in twee periodes van minimaal 32 uur)
- Is het rooster tijdig bekend?Ten minste 28 dagen van tevoren vastgesteld en bekendgemaakt (volgens VVT-cao)
- Is de OR betrokken bij wijzigingen?Voor wijzigingen in werktijden moet de werkgever vooraf toestemming aan de OR vragen
- Zijn individuele afspraken gerespecteerd?Ploegendienst, weekendvrij of vrijdagmiddag vrij, zolang binnen de collectieve regeling
- Gelden er bijzondere regels?Controleer voor jongeren tot 18 jaar, zwangere/pas bevallen vrouwen, artsen in opleiding en vrachtwagenchauffeurs